Begin april (2022) stond er op LinkedIn een bericht tegen dat de Radboud Universiteit onderzoek gaat doen naar begaafde leerlingen waarbij ‘het ontwikkelen niet vanzelf gaat’. Het blijft blijkbaar lastig deze leerlingen met hun ‘complexe problematiek en hun systeem’ goed te bedienen op school en de universiteit wil meer weten hoe ze leerlingen beter kunnen helpen. Op datzelfde platform gaan vele gesprekken over hoogbegaafdheid. Vaak gaat het om te weinig aandacht voor maatwerk en de gevoelde noodzaak om speciaal onderwijs voor hoogbegaafde kinderen te organiseren, zodat zij zich niet meer 'uitgezonderd' voelen. Bovendien ontmoeten ze daar dan meer gelijkgestemden is de veronderstelling. Maar is dat wel die oplossing of zorg je zo voor nog veel meer het gevoel van 'uitzondering'? De wereld bestaat immers niet alleen uit hoogbegaafden.
Begin april ontving ik tevens een uitnodiging via Wings Roermond in mijn mailbox van de stuurgroep Begaafdheid van het basisonderwijs en de kerngroep Begaafdheid van het Voortgezet Onderwijs voor een ouderavond voor ouders van (vermoedelijk) meer- en hoogbegaafde kinderen en jongeren. Het leek me het juiste moment om het thema hoogbegaafdheid en Agora-onderwijs eens beet te pakken en ik ben naar de ouderavond geweest. Geprikkeld door dit alles over hoogbegaafdheid en de schreeuw om aandacht voor maatwerk voor hoogbegaafde kinderen heb ik in ieder geval de behoefte om op deze plek iets anders ervoor in de plaats te zetten. Hoe verhoudt Agora zich tot het label hoogbegaafdheid? Of zou het zich moeten verhouden?
Ouders die zich oriënteren op vervolgonderwijs stellen me regelmatig de vraag of Agora-onderwijs geschikt is voor hun hoogbegaafde kind? Trekt Agora-onderwijs meer dan gemiddeld hoogbegaafde kinderen aan? Het zou me niet verbazen! Maar geldt die aantrekkingskracht niet voor alle kinderen die niet meekunnen in het reguliere onderwijs of uitvallen en zich zo meer gedwongen voelen innovatief onderwijs op te zoeken? Zo ontstaat er vooral voor degenen die vanuit het perspectief van het reguliere onderwijs kijken een beeld van Agora-onderwijs als onderwijs dat goed is voor 'gelabelden'. Het is zoiets als de kringverwijzing in Excel, zo'n 'loop' waar je niet uitkomt.
De verkramptheid die ik vaak ervaar bij (ouders van) hoogbegaafde kinderen maakt onmacht voelbaar. Eindelijk is de 'diagnose' er en toch helpt het vaak niet. Scholen breken hun hoofd erover hoe met deze 'complexe mensjes' om te gaan. De labels zijn beklemmend, niet bevrijdend. De nadruk ligt vaak op de 'afwijking' van het systeem in plaats van op de potentie die aanwezig is in je authentieke zijn! Al die mooie initiatieven en onderzoeken ten spijt, zolang je binnen het systeem rondjes blijft draaien zijn het varianten op hetzelfde kunstje.
Op de genoemde avond over hoogbegaafdheid ging het merendeel van de tijd naar een lezing van een onderwijskundig adviseur over hoogbegaafdheid, een expert… Ik vond de rode draad tenenkrommend. Het ging over het vinden van de kracht in jezelf als kind door te kunnen doorzetten, door fouten te maken, te leren omgaan met tegenslagen en gefocust te kunnen werken. Over het gebruiken van de kracht in je omgeving door hulp van school en ouders, begrip van je medeleerlingen en aandacht voor jou in wat je buiten school doet en wat er in je persoonlijke leven gebeurt. Over het ontwikkelen van denk- en gedragsvaardigheden. Ik herkende erin echt geen bijzondere uitgangspunten voor hoogbegaafdheid, maar ik ergerde me vooral aan het opgelegde karakter van de manier waarop deze expert ondersteuning aanbood aan het kind. Ging het überhaupt wel over het kind? Ik betwijfel het.
Het belang van nieuwsgierig zijn naar je kind als ouder werd gelukkig regelmatig benoemd en de intentie werd helder neergezet een hoogbegaafd kind niet buiten de boot te laten vallen. Toch ben ik bang, dat vele enthousiaste, lieve goed bedoelende actieve ouders en leerkrachten die die avond aanwezig waren onbewust nog steeds proberen hun kind te laten passen binnen het systeem omdat dat nou eenmaal het uitgangspunt was en bleef. Ook de wijze waarop hulp aan een hoogbegaafd kind werd weergeven in de aanpak bouwt nog steeds voort op het bestaande systeem. Binnen de klas extra ondersteuning geven, dan buiten de klas en binnen de school en vervolgens extern. Dat heeft weinig te maken met het kind centraal, maar meer met uitsluiting in plaats van inclusiviteit. Isoleren in plaats van erbij horen.
Ik was verbaasd over de bespreking van gedrag en motivatie; hoewel met een goede intentie werden ze toch nog veelal benaderd vanuit het systeem, het kunnen meegaan in het systeem. Hoe kun je verwachten dat een kind intrinsiek gemotiveerd is als het nog steeds gaat over iets dat je hem van buitenaf wil opleggen? Het kind meekrijgen lijkt dan meer op manipuleren dan aansluiten op de intrinsieke motivatie van het kind zelf. Het bespreken van voor jezelf opkomen en vertrouwen hebben in dat je dingen kunt kreeg vervolgens weinig aandacht en had ook geen enkele basis verder in de aanpak.
Ik schrok me een hoedje van de mededeling van een schoolbestuurder dat het vaker voorkomt dat de school een heel ander beeld heeft van het kind dan de ouder. Hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat je zo verkrampt raakt in een systeem, dat je zover van het kind af komt te staan? Niet dat er niet een verschil mag zijn in wat school ziet en wat de ouder ziet, maar het klonk vooral als een noodkreet, dat de school geen zicht had op de essentie van het kind. Ik vind het vooral een pijnlijke constatering, voor iedereen. Vooral omdat de intentie goed voelde, van de gehele avond. Maar ja, je ziet het pas als je het doorhebt hè?
Ik werd me er bewust van dat ik al jaren uitdraag dat je moet kijken naar je kind. Hoe vaak riep ik in het begin niet uit: ‘Ja! Ik heb mijn kind terug!’ Je mag als ouder vooral nieuwsgierig zijn naar hoe je kind zich voelt, wat er in hem omgaat. Het is zo cruciaal voor het kunnen leggen van een verbinding en het mogelijk maken van communicatie, dat je dat onvoorwaardelijk probeert te doen. Dat wil zeggen, bewust en dus los van je eigen conditioneringen. Dat wat ik uitdraag en dat wat die avond gepresenteerd werd als kenmerken van hoogbegaafde kinderen is van toepassing op alle kinderen. Ik herken er elk uniek Agora-kind in. En zoals Sjef Drummen het verwoordde: ‘Elk kind is hoogbegaafd!’ Bied het de juiste en passende leeromgeving zodat het tot bloei kan komen. Behandel elk kind ‘ongelijk’. Daarin zit de crux!
Wat zou ik graag even een plek op het podium hebben gehad. Niet om iedereen over te halen naar Agora te komen, maar vooral om te vertellen hoe groot de winst is als je enkel en alleen naar het kind kijkt en je daarop aanpast in je ondersteuning in plaats van andersom. Als je die leerkracht leerkracht laat zijn en jij ouder blijft. Dat het bewust investeren in de gouden driehoek een grote factor voor succes is! Hoe fijn is het elke keer weer als je gezamenlijk als ouder, coach en leerling aan het einde van een oudergesprek hetzelfde vindt en ervaart en de neuzen dezelfde kant op staan! Dat vergt een investering van zowel ouder, coach als leerling in verbindende communicatie.
Ook in het Agora-onderwijs hoor ik toch steeds meer geluiden in de praktijk dat een hoogbegaafd kind -of een kind met een ander label- een speciale aanpak nodig zou kunnen hebben en niet ‘zomaar’ gecoached kan worden. Nonsens! Iedereen is uniek en vraagt maatwerk! De basis binnen Agora-onderwijs dat elke leerling uniek is en ongelijk wordt behandeld biedt elk kind ruimte tot ontwikkeling, en is hartstikke inclusief! Dat geldt voor ons allemaal, leerlingen, coaches en ouders. Om onze kinderen toekomstbestendig zich te laten ontwikkelen ligt de kracht van Agora-onderwijs, maar eigenlijk van elk onderwijs, in de gouden driehoek van ouder - leerling - coach en de mate van veiligheid waarbinnen je met elkaar kunt verbinden. Die veiligheid wordt gevormd door authenticiteit; De basis om te kunnen verbinden ligt in essentie in het kunnen leggen van de verbinding met jezelf. Dat begint bij bewustwording en kunnen reflecteren. Zonder verbinding met jezelf kun je je niet met een ander verbinden.
Daarom is het zo belangrijk dat zowel coaches/leerkrachten als ook ouders zich bewust zijn van hun eigenheid. En is het dat niet wat er nog te veel ontbreekt? Onzekerheden, onbewuste overtuigingen en het onvermogen tot kunnen verbinden zijn onbedoeld hindernissen die aan de oppervlakte leiden tot allerlei vragen en problemen en gericht zijn op 'niet kunnen' of 'niet durven'. Dat leidt tot een behoefte aan labelen en de verkrijging van weer meer 'kennis'. Kennis is geen wijsheid; wijsheid is toepassen en ervaren en je eigen maken wat wel en niet bij jou past. Vallen en opstaan, fouten mogen maken, reflecteren en weer doorgaan.... in alle openheid... coach.... leerling.... en ouder!
Ik heb weinig hoop dat alle investeringen die nu worden gedaan in de vorm van wetenschappelijk verantwoorde onderzoeken, stuurgroepen, kerngroepen en onderwijsadviseurs veel zullen opleveren. Ook heb ik weinig vertrouwen in al die experts op het gebied van hoogbegaafdheid en andere labels als ze zich opstellen vanuit het bestaande systeem en het kind niet zien. We draaien ons helemaal vast zolang we in het bestaande systeem blijven zoeken naar oplossingen die het systeem veroorzaakt. Waar moet dat toe leiden? Nog meer uitvallers en nog een nijpender tekort aan leerkrachten? Zoekende ouders en bijlessen, hulpverleners en ga zo maar door? Ik zie alleen maar meer verkramping aankomen. Hoe schud je de boel wakker voor radicale wijzigingen?
Schreeuwen om meer aandacht voor hoogbegaafden leidt slechts tot meer segregatie, meer uitsluiting, meer 'bijzonderheid' die blijvend vastgehouden moet worden, gehechtheid aan het label en eenzaamheid. Jezelf leren kennen, weten wie je bent en jezelf kunnen waarderen met al je imperfecties.... dat leidt tot authenticiteit die je 'wapent' voor de toekomst. Vooral in die onzekere geopolitieke chaos en toenemende polarisatie. Daar hebben we onze kinderen straks hard nodig als krachtige volwassenen en het zijn niet alleen zij die daarvoor moeten werken, ook wij als ouders en zij als coaches en leerkrachten. Laten we als groep daarbinnen onze 'hoogbegaafden' koesteren en alle ruimte geven voor ontwikkeling door ze te laten zijn wie ze zijn en de uitzonderingspositie te verminderen in plaats van te vergroten.
De avond bevestigde voor mij des te meer dat Agora-onderwijs vele handvaten biedt om elk kind als ware het vanzelf zich te laten ontwikkelen door de krachtige basis die het heeft. De kenmerken die nu gepresenteerd werden op het scherm voor een hoogbegaafd kind zoals nieuwsgierig zijn, autonoom willen zijn en veel energie hebben zijn niet enkel voorbehouden aan hoogbegaafde kinderen, het is de beschrijving van een kind! Inclusiviteit en burgerschap staan hoog op de politieke agenda en ook daar is Agora-onderwijs een oplossing voor. En het is in wezen zo enorm eenvoudig: haal de segregatie uit het systeem door niveaus en leeftijden door elkaar te zetten, haal de externe USB-stick met wat er allemaal moet en wanneer eruit en creëer een veilige en vertrouwde omgeving waarin je elk kind kunt zien en horen waardoor het zich vrij kan ontwikkelen. Dat is de basis waarop je effectief kunt ondersteunen als ouder en leerkracht.
De vraag is dan ook waarom Agora zich bezig zou houden met hoogbegaafdheid? Het risico dat ik zie is dat je je laat verleiden tot het willen kwalificeren van kinderen en het werken met casussen van hoogbegaafdheid, het afvinken van lijstjes van kenmerken en het inschakelen van de externe onderwijsadviseur waardoor je wordt afgeleid van de uniciteit van het kind en verder wegraakt van Agoriaans meesterschap. Bovendien leidt het specifiek benoemen van hoogbegaafde kinderen tot segregatie en roept op tot het nog meer benoemen van specifieke groepen kinderen. Dat is terug naar af en een verre verwijdering van hoe het bedoeld is. Ook geen zorgteams, geen zorgcoördinatoren en ga zo maar door.
Coaches moeten zich niet met labels bezighouden zoals met hoogbegaafdheid. Ik begrijp goed, dat de klik met een kind mede afhankelijk is van wat je kunt herkennen en kennisdeling is natuurlijk een bron van leren. Toch pleit ik ervoor dit vooral achter de schermen te doen en een kind niet te ‘belasten’ met een label. Tegelijkertijd pleit ik ervoor om al die ongeruste ouders van gelabelde hoogbegaafde kinderen tot rust te brengen en de uniciteit vooral te leggen op het ZIJN, niet op het label. Elke keer als je als ouder benoemt dat je kind hoogbegaafd is in zijn bijzijn, benoem je zijn ‘exclusiviteit’ als een hokje dat hem gevangen houdt om ook iets anders te zijn, namelijk zichzelf.
Als je iets wil doen, zorg dan voor een brede community en ruimte tot beweging buiten de coachgroepen! De keuze om tot coachgroepen te komen die bij elkaar moeten zitten, en bewegingsruimte te beperken (blijf op je plaats!) heeft te maken met de beheersbaarheid, de gewenste kleinschaligheid en behoefte aan ‘controle’ door coaches vanwege ervaren druk tot ‘presteren’. Uitgaande van zo’n 3,5% van de bevolking die meer- en hoogbegaafd is – en laat het dan op Agora-scholen iets hoger liggen – is de beperking van bewegingsruimte en verkleining van de community een belangrijke belemmering om gelijkgestemden tegen te komen, hoogbegaafd of niet. Het beperkt de natuurlijke flow waarvoor je gekozen had om een afspiegeling te kunnen zijn van de maatschappij.
Zorg ervoor dat er ontwikkelruimte is en blijft voor coaches om het Agoriaans meesterschap steeds verder te ontwikkelen als basis voor ‘onvoorwaardelijk’ coachen. Bovendien zijn er ook coaches die een natuurlijk talent hebben om meteen de kern van het kind te zien waardoor het als het ware ontdooit als het de school binnenstapt en zijn label aan de kapstok hangt. Bij Agora is geen label nodig als we ervan uitgaan dat elk kind uniek is en alle potentie van hoogbegaafdheid in zich heeft. Daar zit ons aangrijpingspunt als ouder en leerkracht. Een geruststelling, of niet? We hoeven alleen maar te kijken en te luisteren!
Reactie plaatsen
Reacties